Achtergrond

De Wederopbouw in de Achterhoek

De wederopbouw van Nederland, in de periode van 1940-1965, is van grote invloed geweest op onze omgeving zoals we die nu kennen. Weinig mensen realiseren zich hoe belangrijk deze periode is geweest voor de manier waarop er bijvoorbeeld decennia is gebouwd. 

Na de bevrijding brak er een nieuwe spannende tijd aan waarin er veel gebeurde in Nederland en ook de Achterhoek! Deze tijd kende allerlei uitdagingen en vernieuwingen. Naast de verwoestingen van de Tweede Wereldoorlog was er een tekort aan materiaal en woningen, een enorme technologische vooruitgang en veel veranderingen voor het dagelijks leven zoals de grootschalige opkomst van de auto en televisie.

Het was een tijd van schaarste, maar ook van economische groei, welvaart, optimisme en vernieuwing. Er werden op grote schaal nieuwe wijken, kerken, wijkcentra, industrie en scholen gebouwd en ook het landschap veranderde door het begin van de ruilverkaveling. Overal om ons heen zijn nog sporen uit de wederopbouwperiode te vinden.


Bijzondere architectuur

De wederopbouwtijd krijgt vaak het etiket saai, lelijk, gezapig en braaf opgeplakt. Dat geldt voor de architectuur, stedenbouw en monumentale kunst. Maar de wederopbouw bevat ook zoveel kwaliteit en bijzondere verhalen die de moeite waard zijn om te laten zien te horen. 

De wederopbouw kenmerkte zicht door plannen, gedachtes en visies. Nooit eerder stond Nederland namelijk voor zo’n grote opgave. Planmatigheid is dan ook bij uitstek iets dat bij de wederopbouwperiode past. Hierdoor kunnen wijken en gebouwen soms wat saai aandoen, maar werd wel het hele land weer opgebouwd!

De ontwerpers uit de wederopbouwperiode moesten met minimale middelen het land opnieuw inrichten. Dit deden zij met een streven om zoveel mogelijk licht, lucht en ruimte te creëren. Al tijdens de oorlog dachten zij hier over na. Heel gedetailleerd werden steden en dorpen op de tekentafel uitgedacht. Er moest in het verzuilde Nederland voor iedereen plek zijn. Optimisme in het herrijzende Nederland was hierbij een leidraad. De idealen van licht, lucht en ruimte leverden samen met de schaarste een aantal herkenbare bouwstijlen op. Deze zien we ook in de Achterhoek nog terug.


Bouwstijlen

De eerste bouwstijl die we veel terug zien uit de Wederopbouwperiode is de zogenaamde Delftse school. Deze had haar oorsprong al voor de oorlog en er werd vooral tussen 1925 en 1955 in deze stijl gebouwd. Het was een traditionele stijl. Schoonheid lag in eenvoud en de bestemming van het gebouw kwam tot uitdrukking in de vorm. Dit zien we vooral terug in woonhuizen die simpel en ingetogen zijn, maar ook gezellig. Publieke gebouwen hadden meer een monumentaal karakter. Bij de Delftse school werd vooral gebruik gemaakt van baksteen, topgevels en met pannen beklede daken. 

Daarnaast zien we ook een meer zakelijke modernistischearchitectuur terug in de wederopbouwperiode: het Nieuwe bouwen. Ook deze stijl vond haar oorsprong al voor de oorlog. Anders dan bij de Delftse school werd bij het nieuwe bouwen vooral gebruik gemaakt van moderne materialen en constructiemethoden zoals beton. Transparantie, het gebruik van glas om daarmee licht, lucht en ruimte te creëren was erg belangrijk. De functionaliteit was ook belangrijk: de architectuur werd daardoor door het materiaal en de constructies bepaald. 

De laatste bouwstijl die we veel terugzien in de wederopbouwperiode is de zogenaamde Shake-hands-architectuur.Zoals de naam al doet vermoeden, het schudden van handen, was dit een combinatie van de traditionele stijl en de moderne stijl. De architecten die deze stijl toepasten waren functionalisten, maar vonden dat naast de functie ook de vormgeving nog belangrijk was. Bij deze stijl zien we traditionele baksteengevels gecombineerd met moderne materialen en constructiemethoden als staal en beton. De bovenstaande architectuurstijlen bestaan in de tijd naast elkaar, maar er is wel een zekere chronologie in aan te brengen. In de jaren 1950 werd er vooral nog gebouwd in de traditionele stijl. Vanaf het eind van de jaren 1950 zien we steeds meer het Nieuwe bouwen. Dit kwam mede omdat de moderne materialen veel makkelijker en sneller te verwerken waren dan bakstenen. Gevels konden bijvoorbeeld ook al gemaakt worden in de werkplaats waarna het huis op de bouwplaats zelf alleen nog maar in elkaar moest worden gezet. Hierdoor kon er veel sneller gebouwd worden en de woningnood werd bestreden. 


Wederopbouwkunst en interieur

Om sobere woningen en gebouwen te verfraaien werden door diverse kunstenaars allerlei kunstwerken gemaakt. In 1951 werd daarvoor een heuse percentageregeling vastgesteld. Dit hield in dat 1.5 % van de nieuwbouwsom van belangrijke en representatieve gebouwen gereserveerd moest worden voor decoratieve aankleding.De kunstwerken werden toegepast om uiting te geven aan een nieuw gemeenschapsgevoel en de herwonnen vrijheid. Samen met de oorlogsmonumenten om slachtoffers te herdenken vormen deze werken ook een belangrijk onderdeel van het erfgoed uit de wederopbouwperiode. 

Niet alleen over de buitenkant van huizen en gebouwen werd nagedacht. Ook in het interieur moest er licht, lucht en ruimte worden aangebracht. In het nieuwe Nederland moest iedereen een goede levensstandaard krijgen met een praktisch en hygiënisch huishouden. Lichte meubels waardoor er meer ruimte in huis was werden de standaard. Huisvrouwen kregen voorlichting over hoe het huis moest worden ingericht zodat het werk minder zwaar werd. Nieuwe gemakken zoals een waterleiding, elektriciteit en koken op gas hielpen hierbij. Er werd niet alleen getracht een nieuwe gebouwde omgeving te maken, ook de samenleving moest zich aanpassen aan een nieuwe tijd.

De wederopbouwperiode was een tijd waarin men wilde breken met de donkere oorlogsjaren. Er werd overgegaan op nieuwe bouwmethoden en dorpen en steden werden op de tekentafel uitgedacht. Via allerlei communicatiemiddelen werd de bevolking in Nederland opgeroepen om mee te doen aan de nieuwe tijd. Modelwoningen, voorlichtingsfilms en tentoonstellingen zorgden ervoor dat iedereen kennis maakte met nieuwe inzichten en technologieën. De economie bloeide, mensen kregen meer vrije tijd, de mobiliteit nam toe en het huishouden werd gemakkelijker. Nederland was de oorlog niet alleen te boven, ook was er in een korte tijd ongekend veel veranderd. 

Wederopbouw een kansrijke erfenis



Bijzondere architectuur


Wederopbouwkunst en interieur

Meer info

Wat is ‘Een nieuwe tijd’?

Elf gemeenten in de Achterhoek slaan de handen ineen voor een gezamenlijk project waar het bijzondere erfgoed uit de wederopbouwperiode dat deze regio bezit, groots onder de aandacht wordt gebracht. Het wordt een project waarin de verhalen en de tijdsgeest van deze periode centraal staan, maar waar ook een brug wordt geslagen naar de opgaven van nu. Maatschappelijk draagvlak, leefbaarheid en participatie en natuurlijk duurzaamheid en energietransitie zijn daarbij uitgangspunt.

Lees meer over ‘Een nieuwe tijd!’ >

Lees meer over de projectdoelen >

Foto's