Toon de Ruwe Diamanten op gemeente

Ruwe Diamanten

Laten zien dat gebouwen uit de Wederopbouw periode wel degelijk bijzonder zijn én een tof verhaal te vertellen hebben. Dat is ons doel met het project Ruwe Diamanten. 

Dat Achterhoekers ook enthousiast zijn over hun erfgoed uit de Wederopbouw tijd, dat is nu duidelijk. Zij konden hun stem uitbrengen op hun favoriete Achterhoekse gebouw uit de naoorlogse tijd en er is flink gestemd. 

Hieronder zie je de winnaars per gemeente. Benieuwd wie er in jouw gemeente de titel ‘Ruwe Diamant’ heeft verkregen? Scrol snel verder of selecteer je gemeente hierboven in het keuzemenu. 

Onderaan zie je ook alle gebouwen voorbij komen die genomineerd waren. Blader er eens doorheen. Wie weet staat er een bijzonder gebouw uit jouw buurt tussen.

Woonhuis | Winnaar Zutphen

’s-Gravenhof 18 – Zutphen
Architectenbureau: G.J. Jacobs
Opdrachtgever: H.J. Voerknecht
Bouwjaar: 1950

Trotse winnaar gemeente Zutphen

Particulieren, die door de toenemende welvaart hun inkomen zagen stijgen, investeerden in nieuwbouw. In opdracht van de heer Voerknecht, werd in 1950, naar ontwerp van de architect Jacobs dit kenmerkende woonhuis gebouwd. Het werd een zeer karakteristiek huis dat door zijn uitvoering in de Delftse Schoolstijl goed aansloot bij de overige veelal historische bebouwing. Het trapje met de sierlijke leuningen, de voordeur in het portiek met gemetselde lambrisering, de omlijsting van het raam boven de voordeur en de hekjes van de Franse balkons zijn maar een paar elementen die refereren aan deze stijl. Hoewel dit pand als een woning gebouwd is, was de indeling zodanig dat er op de eerste verdieping ook een zitkamer en een keuken was. De zolderverdieping bevatte een logeerkamer, drie slaapkamers en een extra douche.

Voormalige coop. middenstandsspaarbank | Aalten Winnaar

Landstraat 30 – Aalten
Architectenbureau: B. Blekkink
Opdrachtgever: coop. Middenstandsspaarbank
Bouwjaar: 1955

Trotse winnaar gemeente Aalten

Het grote vrijstaande pand is in 1955 gebouwd als bankgebouw voor de Coop. Middenstandsspaarbank naar een ontwerp van architectenbureau B. Blekkink te Aalten. Door zijn forse bouwmassa, met topgevel haaks op de straat gesitueerd en markante vormgeving in Delftse schoolstijl vormt het voormalige bankgebouw een zeer beeldbepalend element in dit gedeelte van de Landstraat. Hoewel de invulling van de vensters is gewijzigd heeft het pand zijn karakteristieke en monumentale uitstraling behouden.

Voormalige waterzuiveringinstallatie Kronenkamp | Berkelland Winnaar

Fazantweg 21/Kronenkamp 14 – Neede
Architect: J.H. Kranenborg
Bouwjaar: 1953-1956

Trotse winnaar gemeente Berkelland

In 1957 werd de rioolwaterzuiveringsinstallatie officieel. De verschillende gebouwen van de waterzuiveringsinstallatie zijn wat betreft de constructies en de vormgeving mooie voorbeelden van sobere utiliteitsarchitectuur uit de periode kort na de Tweede Wereldoorlog. De waterzuiveringsinstallatie heeft tot oktober 2002 gefunctioneerd en is vervolgens buiten werking gesteld. In de jaren daarna volgde een periode van verval, totdat eind 2016 een ontwikkelplan werd ingediend gericht op natuur- en sociaal-culturele activiteiten. De totstandkoming van Natuurpark Kronenkamp was vanaf die tijd een feit. De locatie is fascinerend door de vervallen, markante naoorlogse industriële bouwwerken die door de natuur zijn geclaimd.

St Wilibrordsabdij | Doetinchem Winnaar

Abdijlaan 1
Opdrachtgever: Abdijmonniken
Bouwjaar: 1949

Trotse winnaar gemeente Doetinchem

In de jaren van de wederopbouw konden de monniken moeilijk aan bouwmateriaal komen. Al het beschikbare bouwmateriaal was gevorderd voor de bouw van burgerwoningen. Pater Van den Biesen sjouwde het land af op zoek naar materiaal. Puin uit Arnhem en Doetinchem werd gebruikt om de toegangsweg te verharden. Verwrongen staven ijzer van de gebombardeerde Hembrug werden recht gebogen om als betonijzer te dienen.

Op 30 april 1949 werd de eerste steen gelegd, met als inscriptie: “In petra stabilitus non concutior (op de rots gegrondvest sta ik pal) 30 april 1949”. Wie goed kijkt, ziet overal stenen van verschillende grootte in het klooster. Ter versiering zijn grijze stenen van de gebombardeerde kerk van Arnhem gebruikt. Omdat er niet aan hout te komen was, zijn de vloerdelen gemetseld van perfora stenen, versterkt met betonijzer, en daarna op hun plaats getakeld. Een werkelijk uniek monument uit de wederopbouwperiode!

Ehzerbrug | Lochem Winnaar

Ehzerallee, 7218 BS – Almen
Bouwjaar: 1946

Trotse winnaar gemeente Lochem

Tijdens de Tweede Wereldoorlog werden tweeëntwintig bruggen over het Twente kanaal vernietigd. Tijdens de wederopbouw werden er onder meer bij Lochem, Eefde,  en Delden een aantal noodbruggen geslagen. Op de plaats van een betonnen boogbrug uit 1930 werd bij Almen in 1946 in het kader van de eerste herstellingen na de oorlog een Callender-Hamiltonbrug aangelegd voor de militaire transporten van de geallieerden tussen Zutphen en Duitsland. De Callender-Hamiltonbrug is een modulair geprefabriceerde vakwerkbrug. Hij werd ontworpen door ingenieur A.M. Hamilton. Het monteren van een Callender-Hamiltonbrug duurt veel langer dan de meer bekende Bailey-brug, omdat deze bestaat uit individuele liggers van gegalvaniseerd staal, vastgeschroefd met stalen bouten, die allemaal koppelinstellingen vereisen. Echter is de Callender-Hamiltonbrug veel sterker en eenvoudiger in ontwerpconcept dan de Bailey-brug en daardoor ook duurzamer. De als tijdelijk bedoelde brug over het Twentekanaal is daar echter altijd blijven liggen en vormt nu een zeldzaam voorbeeld van de wijze waarop kort na de oorlog vele bruggen in Nederland werden hersteld.

Markthal | Montferland Winnaar

Marktplein 3 – Didam
Architectenbureau: P.A.T. Smulders
Bouwperiode: 1950-1955

Trotse winnaar gemeente Montferland

Op 27 september 1950 werd de eerste steen van de markthal gelegd door de burgemeester van Didam en erevoorzitter van de marktvereniging H.A.B. de Leeuw. De architect ontwierp een markthal in de Delftse School. In 1955 besloot het marktbestuur tot de bouw van een tweede hal, haaks gebouwd op de oorspronkelijke hal. Gemeentearchitect Smulders was wederom verantwoordelijk voor het ontwerp en sluit in zijn vormgeving aan bij de hal uit 1950. In 1974 stopte de handel van biggen in de markthal. De hal wordt tegenwoordig verhuurd voor diverse evenementen. De markthal is een bijzonder nalatenschap van de florerende veehandel die in vroegere jaren op het Didamse marktplein plaatsvond.

appartementencomplex | Doesburg Winnaar

Kraakselaan – Doesburg
Architectenbureau: Nico de Wolf
Opdrachtgever: NV de Verenigde Blikfabrieken te Amsterdam
Bouwjaar: 1956

Trotse winnaar gemeente Doesburg

Dit zeer karakteristieke appartementengebouw aan de Kraakselaan in Doesburg is een zeer goed voorbeeld van de bebouwing die de steden na de Tweede Wereldoorlog begonnen te karakteriseren. Opdrachtgever was de ‘NV de Verenigde Blikfabrieken te Amsterdam’, met een afdeling in Doesburg. De fabriek in Doesburg moest uitbreiden wegens een grote defensieorder* en voor de topfunctionarissen moesten nieuwe woningen komen omdat deze ‘noodgedwongen in de arbeiderswoningen waren ondergebracht’. Het is gebouwd naar ontwerp van stadsarchitect Nico de Wolf in de zogenaamde Shake-Hands architectuur. De grote raampartijen, de verdeling van de ramen in de voorgevel, de deuromlijstingen, het gebruik van stalen kozijnen en het schuin overstekende dak maken dit geen doorsnee gebouw. Blijkbaar werd het gebouw in de eigen tijd al gewaardeerd omdat men de moeite nam hier een ansichtkaart van te laten drukken. Het is bijzonder dat op één van die kaarten dit complex wordt afgebeeld naast de Waag, het stadhuis en de brug!

Voormalig woonhuis Gerard Schouten | Oost Gelre Winnaar

Lauwersdijk 18 – Lievelde
Architectenbureau: Gerard Schouten
Bouwjaar: 1958

Trotse winnaar gemeente Oost Gelre

Particulieren, die door de toenemende welvaart hun inkomen zagen stijgen, investeerden in nieuwbouw. Een van de meest opvallende in die periode gebouwde woonhuizen is het voormalige woonhuis van architect Gerard Schouten. De in de stijl van het functionalisme ontworpen woning heeft een voor die tijd vernieuwende plattegrond en opzet. De woonkamer en keuken liggen niet op de begane grond maar zijn op de verdieping. De slaapvertrekken bevinden zich op de begane grond. De woningontwerpen van Gerard Schouten zijn sober, doelmatig met een bewuste keuze voor natuurlijke en duurzame bouwmaterialen.

Moezekottel | Oude IJsselstreek Winnaar

Asbroek 2A – Megchelen
Opdrachtgever: Districtsbureau Wederopbouw Boerderijen
Bouwjaar: 1945

Trotse winnaar gemeente Oude IJsselstreek

Bij de bevrijding van Megchelen werden talrijke huizen en boerderijen vernield. Op de puinhopen werden voor de inwoners in snel tempo noodwoningen gebouwd. De Moezeköttel, gelegen aan de Asbroek, is een van de weinige wederopbouwwoningen die bewaard zijn gebleven. De naam is niet verwonderlijk want het is een piepkleine woning, niet veel groter dan een schuurtje. Tot ver in de jaren zestig werd het huis bewoond, op een gegeven moment zelfs door een gezin met drie kinderen! Omstreeks 1967 kwam het huisje leeg te staan en werd het in gebruik genomen als veestal. Na een grondige restauratie dient de woning nu als een documentatiecentrum. De bezoekers ervaren hier het door schaarste bepaalde leven van de bewoners in de wederopbouwperiode.

Houtzagerij | Winnaar Winterswijk

Gosselinkweg 6 – Woold
Bouwjaar: 1959

Trotse winnaar gemeente Winterswijk

Dit pand op de hoek van de Gosselinkweg en de oude Bocheltsebaan heeft een beeldbepalende ligging langs het bebouwingslint in de kern van Woold. We weten niet veel over de ontstaansgeschiedenis van het pand. Maar wat wel zeker is, is dat het een zeer mooi voorbeeld is van naoorlogse utiliteitsbouw. Hoogstwaarschijnlijk werd het huidige gebouw rond 1959 gebouwd. In het archief wordt er dan melding gemaakt van een verbouwing van de werkplaats en de houtzagerij.

Boerderij | Bronckhorst Winnaar

Steenderen
Bouwjaar: 1953

Trotse winnaar gemeente Bronckhorst

Ooit gelet op de verschillende indelingen van boerenbedrijven? Dan zal bij deze Ruwe Diamant in Steenderen opvallen dat woon- en werkgedeelte gescheiden zijn. Zeer typerend voor de Wederopbouwperiode, want in deze tijd werd er in de bouw vooral gelet op voorwaarden voor een goede bedrijfshygiëne, brandveiligheid en een efficiënte indeling.  Deze boerderij is in 1953 gebouwd op de restanten van een boerderij die in 1945 werd verwoest tijdens de Tweede Wereldoorlog. Alleen de zogenoemde ‘Spijker’, een zeventiende-eeuws overblijfsel van het kasteel dat hier ooit stond, doet vermoeden dat het hier om een veel ouder erf gaat.

Delftse schoolbuurt | Winterswijk

Beukenstraat, Eikenstraat, Notenboomstraat – Winterswijk
Bouwjaar: 1950-1955

Winterswijk is relatief sterk gegroeid in de jaren vijftig en zestig. De stedenbouwkundige opzet van deze woonwijken is in het algemeen karakteristiek voor de wederopbouwperiode. Waarschijnlijk was dit buurtje onderdeel van een vooroorlogs uitbreidingsplan van Winterswijk, direct aansluitend op het tuindorp Scholtenenk. De woningen zijn gebouwd in blokjes van twee of in kleine rijtjes van wisselende lengte. De woningen vormen samen een waardevol ensemble waarvan de oudste, die in de Beukenstraat, het meest in het oog springen. De dubbele woningen zijn in hun vormgeving typerend voor de Delftse school, een stijl die refereert aan de oud-Hollandse bouwkunst. Deze stijl werd uitermate geschikt gevonden voor de her- en nieuwbouw van steden en dorpen tijdens de wederopbouwperiode. De dubbele woonhuizen zijn sober met bescheiden detaillering en ornamentiek.  Een ander veel voorkomend element in dit buurtje, dat kenmerkend is voor de wijken uit de wederopbouwperiode, is het groen. De originele erfafscheidingen van ligusterhagen zijn in veel gevallen bewaard gebleven!

Houtzagerij | Winterswijk

Gosselinkweg 6 – Woold
Bouwjaar: 1959

Dit pand op de hoek van de Gosselinkweg en de oude Bocheltsebaan heeft een beeldbepalende ligging langs het bebouwingslint in de kern van Woold. We weten niet veel over de ontstaansgeschiedenis van het pand. Maar wat wel zeker is, is dat het een zeer mooi voorbeeld is van naoorlogse utiliteitsbouw. Hoogstwaarschijnlijk werd het huidige gebouw rond 1959 gebouwd. In het archief wordt er dan melding gemaakt van een verbouwing van de werkplaats en de houtzagerij.

R.K. kerk voor de Emanuel Parochie | Zutphen

Van Heemstrastraat 4 – Zutphen
Architectenbureau: Joh. Sluijmer en J.H. Sluijmer, Enschede
Opdrachtgever: R.K. Kerk
Bouwjaar: 1959-1960

In 1959 komt er en tweede parochie in Zutphen wegens de naoorlogse uitbreidingen. Deze parochie had een eigen kerk nodig en kreeg daarvoor grond toegewezen aan de Van Heemstrastraat, te midden van diverse uitbreidingsgebieden. De kerk is zeer kolossaal uitgevoerd. Door de ontwikkeling van de bouwtechnieken met betonnen spanten is het mogelijk geworden om grotere ruimtes te overspannen zonder daarvoor pilaren nodig te hebben. Typerend voor deze kerk is dat deze is ontworpen als een verdiepingskerk. De kerkzaal is ontworpen boven de onderbouw me nevenruimte. De Emanuellkerk staat namelijk op een licht glooiend terrein. De kerk heeft geen traditionele kerktoren, in plaats daarvan bevindt zich links van de ingang een klokkenstoel.

 

Woonhuis | Zutphen

’s-Gravenhof 18 – Zutphen
Architectenbureau: G.J. Jacobs
Opdrachtgever: H.J. Voerknecht
Bouwjaar: 1950

Particulieren, die door de toenemende welvaart hun inkomen zagen stijgen, investeerden in nieuwbouw. In opdracht van de heer Voerknecht, werd in 1950, naar ontwerp van de architect Jacobs dit kenmerkende woonhuis gebouwd. Het werd een zeer karakteristiek huis dat door zijn uitvoering in de Delftse Schoolstijl goed aansloot bij de overige veelal historische bebouwing. Het trapje met de sierlijke leuningen, de voordeur in het portiek met gemetselde lambrisering, de omlijsting van het raam boven de voordeur en de hekjes van de Franse balkons zijn maar een paar elementen die refereren aan deze stijl. Hoewel dit pand als een woning gebouwd is, was de indeling zodanig dat er op de eerste verdieping ook een zitkamer en een keuken was. De zolderverdieping bevatte een logeerkamer, drie slaapkamers en een extra douche.

Station Zutphen | Zutphen

Stationsplein
Architect: H.G.J. Schelling
Opdrachtgever: Nederlandsche Spoorwegen
Bouwjaar: 1952

Het oude station van Zutphen werd tijdens de Tweede Wereldoorlog grotendeels verwoest, daarom had een nieuw station grote prioriteit bij de wederopbouw. Ondanks centrale maatregelen voor productie en distributie, was er tijdens de oorlogsjaren een groot tekort ontstaan aan materialen voor de bouw en daarom werd het puin verwerkt in de nieuwe betonconstructie van het station. Het gebouw heeft een dubbele zuilengalerij voor de ingangshal. De twee verdieping hoge, ranke zuilen dragen een luifel. Deze was bedoeld om de reiziger gelegenheid te geven met een voertuig droog voor de ingang van het station te komen. Aan de buitenzijde, zijn aan weerszijden van de ingang twee beton reliëfs van de Amsterdamse kunstenaar Ben Guntenaar aangebracht. De reliëfs tonen figurale voorstellingen van reizen en afscheid nemen.

Postkantoor | Zutphen

Molengracht 2 – Zutphen
Architectenbureau: W.J. Gerretsen, C.J. Cramer, Arnhem
Opdrachtgever: Rijksgebouwendienst
Bouwjaar: 1953-1954

De PTT wilde zijn gebouwen voor het publiek herkenbaar maken en hanteerde daarom een algemeen schema van plattegronden. Het resultaat was een massief, rechthoekig gebouw van twee verdiepingen in de Shake-hands architectuur. Typisch voor de wederopbouwarchitectuur is de afwisseling van de ramen. Hoge ramen en verschillende formaten vierkante ramen wisselen elkaar af en geven het gebouw een voor die tijd modern en functionalistisch uiterlijk. Eveneens typerend voor die tijd is de toepassing van  kunst in het interieur die aansluit bij de functie van het gebouw. In de lange gevel aan de Molengracht zijn zeven gevelstenen aangebracht van gegoten sierbeton, gemaakt naar een ontwerp van kunstenaar A. Diekerhof uit Arnhem.

Baudartiuscollege | Zutphen

Isendoornstraat 1 – Zutphen
Architectenbureau: Rotshuizen en Wind, Arnhem
Opdrachtgever: Vereniging tot stichting en instandhouding van een Christelijk lyceum voor Zutphen en omstreken
Bouwjaar: 1949-1951

Na de Tweede Wereldoorlog kregen tal van nieuwe ideeën de kans om het bestaande onderwijssysteem te doorbreken en vernieuwen. Vanaf de jaren vijftig werd druk geëxperimenteerd met verschillende typen schoolgebouwen. Het Baudartiuscollege bestond oorspronkelijk uit drie vleugels van twee verdiepingen. De architecten ontwierpen een gebouw gekenmerkt door de Shake Hands architectuur. De omlijsting van de vensters en de pilaren van Franse kalksteen, de gevelversiering en de stalen kozijnen zijn hier allen kenmerken van. Eveneens kenmerkend is de toepassing van kunst in het interieur. Het gedenkraam voor gevallen leerlingen, en de zuilen die met mozaïek werden bekleed zijn hierbij het vernoemen waard.

Schoolgebouw | Winterswijk

Plataanlaan 30 – Winterswijk

Na de oorlog was de urgentie om het aantal scholen uit te breiden zeer groot. Veel scholen waren in de oorlog beschadigd, door een bouwstop was er na 1942 nagenoeg niet meer gebouwd en de babyboom zorgden voor een sterke uitbreidingsbehoefte. De school aan de Plataanlaan werd gebouwd op een praktisch gelegen kavel tussen tuindorp Scholtenenk en de aangrenzende woonwijken uit de jaren 50 en 60. Vooral in de jaren vijftig en zestig werden  veel van deze paviljoen-achtige schoolgebouwen gerealiseerd. Deze scholen hebben overwegend één bouwlaag en bestaan uit een vrije groepering van lokalen. Daarnaast is het mozaïek op de buitenmuur van de school het vernoemen waard. Een  belangrijk  kenmerk  van  scholen  uit  de  Wederopbouwperiode  is  de toepassing  van  beeldende  kunst.  Het  gaat  hierbij  om  baksteensculpturen,  beeldhouwwerken, mozaïeken, glas-in-loodvensters en toegepaste technieken zoals sgrafitto.

Textielfabriek Meijerink en Co. | Winterswijk

Morsestraat 31 – Winterswijk
Bouwjaar: meerdere fases

Meijerink & Zonen is opgericht in 1891 door J.H. Meijerink. Deze stond aan de Laan van Hilbelink, het gebouw waar nu het magazijn van de Tuunte is gevestigd. In 1929 is de naam ervan gewijzigd in N.V. Stoomweverij en in 1961 is de fabriek opgegaan in de Koninklijke Textielfabrieken Nijverdal-Ten Cate N.V. Het belang van de vanuit de textielnijverheid ontwikkelde textielindustrie voor de geschiedenis van Winterswijk is bijzonder groot. Het onderhavige ensemble van drie textielfabriekscomplexen, waarvan één nog altijd in functie, vormt het omvangrijkste historische textielindustriecomplex dat bij Winterswijk bewaard is. In zijn huidige toestand toont het de ontwikkeling van de architectuur van de textielindustrie van eind 19e eeuw tot aan de jaren ´60.

Industriehallen | Winterswijk

Industrieweg 8-14 – Winterswijk
Bouwjaar: 1949

In de Tweede Wereldoorlog raakten verschillende bedrijfsgebouwen aan het spoor door oorlogsgeweld zwaar beschadigd. Herbouw volgde in de vroeg naoorlogse jaren, waarbij ter plaatse van het in 1936 opgeheven spoortracé een nieuwe weg werd gepland, de Industrieweg. Aan de industrieweg staat een ensemble industriële gebouwen, waarvan het oudste het in 1949 gebouwde complex van de Stichting Industrieloodsen is. Het is een markante reeks van aaneengesloten industriehallen met ronde asfaltdaken, gebouwd met Marshallhulp. De eerste steen is gelegd door burgemeester J. Kneppelhout. De geschakelde loodsen hebben bakstenen gevels en gebogen asfaltdaken. Het is een bijzonder en goed bewaard voorbeeld van vroeg naoorlogse bedrijfsarchitectuur in zogenaamde shakehandstrant.

Boerderij | Oude IJsselstreek

Millingseweg 7  – Megchelen
Bouwjaar:  1947

De buurtschap Megchelen liep in maart 1945 zware oorlogsschade op en kwam bij het oprukken van de geallieerde troepen zelfs middenin de vuurlinie te liggen. Slechts vier panden bleven onbeschadigd! Na de oorlog is door de Arnhemse architecten W. Gerretsen en C.J. Cramer in samenwerking met de gemeente Gendringen een wederopbouwplan opgesteld, dat evenwel verschillende malen werd herzien. Millingseweg 7 neemt binnen de wederopbouw van het dorp een bijzondere positie in, omdat het hier gaat om het eerste herbouwde pand. De voor wederopbouwarchitectuur zo karakteristieke roodkeramische steen met het jaartal 1947 legt hier in de voorgevel van het woongedeelte nog steeds getuigenis van af. Lange tijd moet het complex een min of meer eenzame positie hebben ingenomen, aan de rand van een gehavend dorp waar de kerken weliswaar wonder boven wonder overeind waren gebleven maar inmiddels een groot aantal houten en stenen noodwoningen stond.

Openluchttheater Engbergen | Oude IJsselstreek

Bosweg 5 – Voorst 
Bouwjaar: 1958

In de eerste jaren na de Tweede Wereldoorlog werd hard gewerkt aan de wederopbouw van Nederland. In de loop van de jaren 50 van de 20e eeuw brak echter een tijd van ontspanning aan. Recreatie werd daardoor een steeds belangrijker onderdeel van het dagelijks leven. Het openluchttheater geeft een goed beeld van het recreatieve leven in die periode in de voormalige gemeente Gendringen. Het theater is voorzien van een lichttoren en kleedgebouw, beide in dezelfde periode gebouwd. Het Openluchttheater Engbergen is aangelegd door vrijwilligers met gebruikmaking van de natuurlijk terreingesteldheid, naar voorbeelden uit de Griekse en Romeinse oudheid. Dit theater staat symbool voor het bloeiende muzikale leven in de naoorlogse jaren.

HH Petrus en Paulus | Oude IJsselstreek

J.F. Kennedyplein 1 – Ulft
Architectenbureau: A. Vosman
Bouwjaar: 1957-1959

Door de almaar groeiende bevolking, was de behoefte aan nieuwe kerkgebouwen groot tijdens de wederopbouwperiode. Tot ver in de jaren vijftig was de katholieke kerkbouw traditioneel.  Zeker oudere architecten ontwierpen kerken, met de vroegchristelijke basilica’s in hun achterhoofd. Een mooi voorbeeld van deze traditionele kerkarchitectuur is de HH Petrus en Pauluskerk. De kerk is gebouwd in de jaren 1957 naar ontwerp van Antonius Vosman. Aangezien de vorige kerk uit 1864 van Pierre Cuypers te klein was geworden, werd in 1949 begonnen met de zoektocht naar een geschikte locatie voor een nieuwe kerk. Uiteindelijk werd besloten om de nieuwe kerk naast de oude kerk te bouwen. Op 30 augustus 1959 werd de nieuwe kerk ingewijd. Om de kerk beter zichtbaar te maken, werd besloten tot afbraak van vijf winkelpanden. Hierdoor ontstond aan de voorzijde van de kerk het huidige kerkplein.

Ulfterbrug | Oude IJsselstreek

Bongersstraat 3 – Ulft
Opdrachtgever: Rijkswaterstaat
Bouwjaar: 1953

In maart 1945 laat de Duitse bezetter de brug springen als ze zich terugtrekken uit Ulft. Er ligt een noodbrug tot 1953. Na de Tweede Wereldoorlog brak een periode van grote bloei aan in Ulft. In deze tijd van economische bloei werd besloten tot de bouw van een nieuwe brug, het werd een hefbrug, qua stijl functionalistisch en geheel in beton uitgevoerd. De bouw van de Ulfter brug was onderdeel van een groter plan van Rijkswaterstaat om de waterwegen beter begaanbaar te maken voor groot vrachtverkeer. De brug is sinds de jaren zeventig niet meer van belang voor het scheepvaartverkeer. Ondanks de aanpassingen is de fiere indruk die de brug van oudsher had ongewijzigd gebleven.

Moezekottel | Oude IJsselstreek

Asbroek 2A – Megchelen
Opdrachtgever: Districtsbureau Wederopbouw Boerderijen
Bouwjaar: 1945

Bij de bevrijding van Megchelen werden talrijke huizen en boerderijen vernield. Op de puinhopen werden voor de inwoners in snel tempo noodwoningen gebouwd. De Moezeköttel, gelegen aan de Asbroek, is een van de weinige wederopbouwwoningen die bewaard zijn gebleven. De naam is niet verwonderlijk want het is een piepkleine woning, niet veel groter dan een schuurtje. Tot ver in de jaren zestig werd het huis bewoond, op een gegeven moment zelfs door een gezin met drie kinderen! Omstreeks 1967 kwam het huisje leeg te staan en werd het in gebruik genomen als veestal. Na een grondige restauratie dient de woning nu als een documentatiecentrum. De bezoekers ervaren hier het door schaarste bepaalde leven van de bewoners in de wederopbouwperiode.

Geschakelde eengezinswoningen | Oost Gelre

Frans Halsstraat 2 t/m 20 & 1 t/m 19
Van Goghstraat 1 t/m 27 – Groenlo
Bouwjaar: 1958-1960

De wederopbouwperiode wordt gekenmerkt door de vele stads- en dorpsuitbreidingen. In veel gevallen betreft dit sociale woningbouw, maar ook werd er in de Achterhoek geïnvesteerd in kleinschalige woningbouw gericht op particulieren. Dit aan de zuidzijde van de Van Goghstraat en de aan  Frans Halsstraat  gelegen woningbouwcomplex is illustratief. De bijzondere en eigenzinnige in Shake Hands trant ontworpen woningen zijn twee aan twee geschakeld.  De woningen vallen op door de lessenaarsdaken en het zorgvuldig gedetailleerde in twee kleuren baksteen uitgevoerde metselwerk. Onder de ver overstekende dakranden zijn de voorgevels voorzien van een gepleisterd fries  met ruitvormige decoraties. De grote vensters in de voorgevel  worden geaccentueerd door een omlijsting met siermetselwerk.

Muziektent | Oost Gelre

Maliebaan – Groenlo
Opdrachtgever: bevolking
Bouwjaar: 1952

Zo’n beetje in alle steden en kernen in Nederland was het hebben van een muziekpaviljoen, of kiosk een gegeven. Hier werden voornamelijk muzikale optredens verzorgd door de plaatselijke fanfares, harmonieën en brassbands. Al voor de oorlog was het initiatief tot het bouwen van een openluchttheater of paviljoen op tafel gekomen. In 1952 was het dan eindelijk zover. Voor de locatie werd een perceel aan de rand van de vestingwerken tussen de Wheme en de Maliebaan gekozen. De stichtingssteen heeft het volgende opschrift:  ‘GROENLOS BURGERIJ BOUWDE MIJ IN 1952’. Deze muziektent staat symbool voor het bloeiende muzikale verenigingsleven in de naoorlogse jaren.

Voormalige H.B.S. | Oost Gelre

Deken Hooijmansingel 1 – Groenlo
Architectenbureau: F.J. Wiegerinck
Opdrachtgever: Paters Maristen
Bouwjaar: 1959

De Voormalige HBS Marianum nu scholengemeenschap Marianum, werd in 1948 gesticht door de Paters Maristen. Er was destijds heel wat discussie over de vraag waar de school moest komen. Aanvankelijk werd gedacht aan het sportveld in Lievelde, maar Lichtenvoorde en Groenlo waren ook kanshebbers. Groenlo kreeg de school uiteindelijk toegewezen en zo werd de HBS in Groenlo gesticht. Het huidige gebouw kwam echter pas tot stand rond 1959. Het imposante voor die tijd uiterst moderne schoolgebouw werd naar een ontwerp van het Arnhemse architectenbureau van ir. F.J. Wiegerinck en ir. H.J. Van Balen gerealiseerd en vervolgens in fasen uitgebreid. Dit architectenbureau was vooral bekend om zijn scholen en ziekenhuizen. Een bijzonder aspect is de tot de school behorende vrijstaande kapel, alsook de bronzen wandkunst aan weerszijden van het gebouw.

Christus Koningkerk | Oost Gelre

Koningsplein 2 – Lievelde
Architectenbureau: W. Dijkman
Bouwjaar: 1953-1954

Een groot gedeelte van de beschadigde kerken werd tijdens of kort na de oorlog hersteld of herbouwd. Tot ver in de jaren vijftig was de katholieke kerkbouw traditioneel. Zeker oudere architecten ontwierpen kerken, met de vroegchristelijke basilica’s in hun achterhoofd. Een mooi voorbeeld van deze traditionele kerkarchitectuur is de Christus Koningkerk. Tegelijkertijd met de nieuwe kerk werd de naastgelegen pastorie gebouwd, eveneens naar ontwerp van architect W. Dijkman. Beide bouwwerken, zijn uitgevoerd in de stijl van de Delftse School. Voor de kerk en pastorie werd later een plein aangelegd, het huidige Koningsplein.

Voormalig woonhuis Gerard Schouten | Oost Gelre

Lauwersdijk 18 – Lievelde
Architectenbureau: Gerard Schouten
Bouwjaar: 1958

Particulieren, die door de toenemende welvaart hun inkomen zagen stijgen, investeerden in nieuwbouw. Een van de meest opvallende in die periode gebouwde woonhuizen is het voormalige woonhuis van architect Gerard Schouten. De in de stijl van het functionalisme ontworpen woning heeft een voor die tijd vernieuwende plattegrond en opzet. De woonkamer en keuken liggen niet op de begane grond maar zijn op de verdieping. De slaapvertrekken bevinden zich op de begane grond. De woningontwerpen van Gerard Schouten zijn sober, doelmatig met een bewuste keuze voor natuurlijke en duurzame bouwmaterialen.

Mariakapel | Montferland

Tatelaarweg – Didam
Architectenbureau: A. Vermeulen (Eindhoven)
Opdrachtgever: Leden van de jonge boeren- en boerinnenbond
Bouwjaar: 1947

Deze opmerkelijke en voor de gemeente Didam bijzondere kapel is gelegen in een plantsoen aan de Tatelaarweg. De kapel werd in 1947 ontworpen door de Eindhovense architect A. Vermeulen in opdracht van de leden van de Jonge boeren en boerinnenbond, die zich hadden verenigd in de kring De lijmers. De leden van de bond waren al voor de tweede wereldoorlog met het initiatief gekomen om een veldkapel in Didam op te richten. Door de oorlog konden de plannen echter niet gelijk doorgang vinden. Het aannemersbedrijf Van Dulmen was verantwoordelijk voor de bouw van de kapel. Het Mariabeeld werd door de Brabantse M. Evers vervaardigd. Als dank voor in de oorlog genoten bescherming werd de kapel gewijd aan Maria, Koningin van de vrede. De inwijding vond op tweede pinksterdag plaats.

Protestantse kerk | Montferland

Torenstraat 10 – Didam
Architectenbureau: J.G. Heineman
Opdrachtgever: Kerksbestuur
Bouwjaar: 1955

Op 18 januari 1951 was de verkoop van de oude kerk aan de rooms-katholieke Didammers een feit. Voor het bedrag van ƒ 207.500, kon de protestantse gemeente een nieuw onderkomen gaan bouwen. Voor deze klus trok de gemeente de architecte Heineman aan, die in de vooroorlogse jaren vooral naam had gemaakt door zijn riet gekapte villa’s. Het eerste ontwerp werd afgekeurd, deels omdat het sterk leek op de Sint Martinuskerk en deels omdat men het te groot achtte. Het moest kleiner en minder rooms. Uiteindelijk kon het derde ontwerp wel op de goedkeuring van het bestuur rekenen. Het werd een kerk die in zijn vormgeving refereert aan de functionalistische bouw van Berlage, waar Heineman een deel van zijn opleiding genoot. Juist door deze eenvoudige vormgeving is het een uniek voorbeeld van wederopbouwarchitectuur in Didam, aangezien de meerderheid van het gebouwde wederopbouwerfgoed refereert aan de meer traditionele Delftse schoolstijl.

Markthal | Montferland

Marktplein 3 – Didam
Architectenbureau: P.A.T. Smulders
Bouwperiode: 1950-1955

Op 27 september 1950 werd de eerste steen van de markthal gelegd door de burgemeester van Didam en erevoorzitter van de marktvereniging H.A.B. de Leeuw. De architect ontwierp een markthal in de Delftse School. In 1955 besloot het marktbestuur tot de bouw van een tweede hal, haaks gebouwd op de oorspronkelijke hal. Gemeentearchitect Smulders was wederom verantwoordelijk voor het ontwerp en sluit in zijn vormgeving aan bij de hal uit 1950. In 1974 stopte de handel van biggen in de markthal. De hal wordt tegenwoordig verhuurd voor diverse evenementen. De markthal is een bijzonder nalatenschap van de florerende veehandel die in vroegere jaren op het Didamse marktplein plaatsvond.

Julianawijk | Montferland

Julianastraat en Prins Bernhardstraat – Didam
Bouwjaar: 1945

Na de Tweede Wereldoorlog werden overal in Nederland steden en dorpen uitgebreid om huisvesting te bieden voor de snel groeiende bevolking. Een voorbeeld hiervan is de Julianawijk in Didam. Vrijwel direct na de bevrijding in 1945 werd gestart met de bouw van nieuwe volkswoningen. Ten behoeve van deze bouw werden er twee nieuwe straten aangelegd: de Julianastraat en de Prins Bernardstraat. Het stratenplan werd ontworpen in een traditionalistische, tuindorpachtige opzet. De stijl van de huizen sloot hierop aan met stijlelementen die ontleend zijn aan de Delftse School. Het unieke karakter van deze wederopbouwwijk is nog steeds goed waarneembaar.

Reconstructie van Huis Bergh | Montferland

Hof van Bergh 8 – ’s-Heerenberg
Architectenbureau: H. van Heeswijk
Bouwperiode: 1939

In 1912 verwierf de textielfabrikant uit Enschede, Jan Herman van Heek, Kasteel huis Bergh, een van oorsprong middeleeuwse complex. In de nacht van 14 op 15 maart 1939 brandde het kasteel vrijwel volledig uit. Tijdens de tweede wereldoorlog werd het kasteel vervolgens hersteld. Bij de restauratie speelden nieuwe inzichten ten aanzien van brandpreventie, klimaatbeheersing en behaaglijkheid bij de nieuwe plannen een belangrijke rol. Huis Bergh is een mooie uitdrukking van de restauratieopvatting uit de wederopbouwperiode. Het ging erom het gebouw tot zijn oorspronkelijke waarde terug te brengen. Wanneer er meerdere bouwfases aanwezig waren zoals bij Huis Bergh, hing het van de architectonische waarde van deze bouwfase af of deze behouden bleef. Anders dan tegenwoordig, waarin er juist gestreefd wordt naar het aantoonbaar houden van de verschillende fases!

Boerderij | Lochem

Asselerweg 6 – Harfsen
Bouwjaar: 1945-1950

Tijdens de Tweede Wereldoorlog werden in Nederland meer dan 9000 boerderijen verwoest. De wederopbouw ervan werd bepaald door een spanningsveld tussen behoud en innovatie. Hieraan ten grondslag lag de gedachte dat boerderijen twee functies hadden te vervullen. Ze symboliseerden bepaalde traditionele waarden en moesten bijdragen aan de versterking en de vorming van een nationale identiteit. Anderzijds bleven het agrarische gebruiksobjecten die van centraal belang waren voor de modernisering van de Nederlandse landbouw. De buurtschap Harfsen heeft het zwaar te verduren gehad in de oorlog. Zo goed als alle boerderijen waren verloren en daarom werd de herontwikkeling en wederopbouw van dit stuk platteland al snel ter hand genomen. De boerderij is in zijn vormgeving zeer typerend voor de Wederopbouwperiode. Bij de bouw werd gebruikgemaakt van de kennis die ingenieurs hadden opgedaan bij de gestandaardiseerde bouw. Er werd bij het ontwerp vooral gelet op het scheppen van voorwaarden voor een goede bedrijfshygiëne, brandveiligheid en een efficiënte indeling.

Sint Jozefkerk | Lochem

Nieuweweg 18 – Lochem
Architectenbureau: P. Starmans
Opdrachtgever: Bisdom Utrecht
Bouwjaar: 1958

In de jaren vijftig werd ter vervanging van een bestaande kerk een nieuwe en grotere R.K. kerk ontworpen door P. Starmans, een architect die onder meer veel opdrachten verrichtte voor het Bisdom Utrecht. Een belangrijke architectuurstroming in de Wederopbouwperiode die sterk gerelateerd is aan de Rooms-Katholieke Kerkenbouw in Nederland is de Bossche School. Enkele kenmerken van de Bossche School die je terug ziet in het ontwerp van de St. Jozefkerk zijn de traditionele verhoudingen, de toepassing van baksteen, beton en hout, en de referentie naar basilieken geïnspireerd op de Vroeg-Christelijke kerkarchitectuur. De kapel bevat bijzondere kunstwerken, waaronder diverse glas-in-lood ramen met Christelijke thema’s en voorstellingen in een moderne, geabstraheerde stijl. Ook het centraal geplaatste mozaïekkunstwerk trekt de aandacht. In kleurrijke steentjes afkomstig uit de Lochemse berg heeft de kunstenaar Henk Carlier een Madonna met kind gemaakt.

Dubbele woning | Lochem

Van Lutterveltplein 6-8 – Lochem
Bouwjaar: 1957

In de jaren vijftig werd aan de oostzijde van Lochem flink gebouwd. Er verrees ten zuiden van de Zwierseweg een nieuwe wijk, met onder meer rijtjeshuizen, een nieuwehuishoudschool, en een M.U.L.O. school. Aan het ruime Van Lutterveltplein, genoemd naar Remmet van Luttervelt, burgemeester van Lochem 1929 tot 1949, kwam een opvallend, modern dubbel woonhuis te staan. Het werd in 1957 ontworpen door het architectenbureau van G.K. Veeze en F.J. Twijnstra uit Lochem. De bouwstijl met eigentijdse en meer traditionele elementen, is typerend voor de wederopbouwperiode. Opvallen zijn het geknikte dak, de grote schoorstenen en de houten afwerking van de voorgevel die contrasteert met het rode en wit geschilderde metselwerk.

Ontmoetingskerk | Lochem

Zutphenseweg – Eefde
Architectenbureau: Van Asbeck
Opdrachtgever: kerkbestuur
Bouwjaar: 1954

De behoefte aan nieuwe kerkgebouwen was groot na 1945. Herstel van de oorlogsschade ging samen met het herstel van de vooroorlogse verzuiling. De architectonische opgave was hierbij om het kerkgebouw in te passen in de bestaande omgeving en het als religieus gebouw herkenbaar te houden. De resultaten varieerden tussen traditionalistisch en ultramodern. Net als in de rest van de Achterhoek was er in Eefde eveneens behoefte aan nieuwe kerkgebouwen. In 1954 werd besloten tot de bouw van de nieuwe kerk welke  twee andere kerken verving. Het ontwerp werd geleverd door architect Johannes Bernardus van Asbeck, zijn eerste nieuw ontworpen kerk. De ontmoetingskerk is een ontmoeting tussen de meer traditionele en moderne kerkenbouw uit de jaren vijftig. De kerk is opgebouwd als zaalkerk met zadeldak. Aan de straatzijde staat een ranke kerktoren. In de zijwanden van de kerk zijn zes gebrandschilderde ramen en drie glas-in-loodramen geplaatst.

Ehzerbrug | Lochem

Ehzerallee, 7218 BS – Almen
Bouwjaar: 1946

Tijdens de Tweede Wereldoorlog werden tweeëntwintig bruggen over het Twente kanaal vernietigd. Tijdens de wederopbouw werden er onder meer bij Lochem, Eefde,  en Delden een aantal noodbruggen geslagen. Op de plaats van een betonnen boogbrug uit 1930 werd bij Almen in 1946 in het kader van de eerste herstellingen na de oorlog een Callender-Hamiltonbrug aangelegd voor de militaire transporten van de geallieerden tussen Zutphen en Duitsland. De Callender-Hamiltonbrug is een modulair geprefabriceerde vakwerkbrug. Hij werd ontworpen door ingenieur A.M. Hamilton. Het monteren van een Callender-Hamiltonbrug duurt veel langer dan de meer bekende Bailey-brug, omdat deze bestaat uit individuele liggers van gegalvaniseerd staal, vastgeschroefd met stalen bouten, die allemaal koppelinstellingen vereisen. Echter is de Callender-Hamiltonbrug veel sterker en eenvoudiger in ontwerpconcept dan de Bailey-brug en daardoor ook duurzamer. De als tijdelijk bedoelde brug over het Twentekanaal is daar echter altijd blijven liggen en vormt nu een zeldzaam voorbeeld van de wijze waarop kort na de oorlog vele bruggen in Nederland werden hersteld.

Boerderij | Doesburg

Zomerweg 2 – Doesburg
Bouwjaar: 1962

Na de Tweede Wereldoorlog werd het landelijke gebied op grote schaal heringericht. De veranderingen kwamen naast de oorlogsschade voornamelijk voort uit de behoefte om het platteland efficiënter in te richten en te moderniseren. Daartoe werden grote gebieden woeste grond ontgonnen en gereed gemaakt voor de landbouw. De boerderij aan de Zomerweg is een ontginningsboerderij, die in 1962 ten tijde van de ruilverkaveling van het gebied De Griet werd gebouwd. Een ontginningsboerderij is een boerderij die tot doel had om het omliggende land te ontginnen. De boerderij is in zijn vormgeving zeer typerend voor de Wederopbouwperiode.  Bij de bouw werd gebruikgemaakt van de kennis die ingenieurs hadden opgedaan bij de gestandaardiseerde bouw. Er werd bij het ontwerp vooral gelet op het scheppen van voorwaarden voor een goede bedrijfshygiëne, brandveiligheid en een efficiënte indeling. Een grote verbetering voor het bedrijfsgedeelte was dat de hilde, de zolder boven de koeien waar het hooi werd opgeslagen, niet meer in direct contact stond met de stal.

Zuidelijk Molenveld | Doesburg

Bebouwing Emma, Margriet en Beatrixstraat
Bouwjaar: jaren 50

In de jaren vijftig werd besloten tot het bouwen van verschillende uitbreidingen aan de rand van het oude centrum. De wijk Zuidelijk Molenveld kreeg een voor de wederopbouwperiode zeer kenmerkend ontwerp. Zuidelijk Molenveld werd ontworpen als een tuindorp, dat bestond uit rijen van zeven woningwetwoningen. De keuze voor de Delftse School met verwijzingen naar het verleden moest er voor zorgen dat de veelal uit het buitengebied afkomstige bewoners zich in de nieuwe woonwijk thuis voelden. Deze opzet zie je vaker, maar wat deze huizen bijzonder maakt is de detaillering. De decoratieve aspecten als de omlijstingen van deuren en ramen, de bovenlichten die afwisselend halfrond en rechthoekig zijn geven de indruk dat men hier meer van heeft willen maken dan enkel wat doorsnee huisjes. Eveneens kenmerkend voor de wijk was het vele groen dat een onlosmakelijk onderdeel uitmaakte van het stedelijk ontwerp. Daarnaast kregen de huizen, diepe achtertuinen voor het verbouwen van eigen groenten.

Heilige Martinuskerk | Doesburg

Juliana van Stolberglaan 1 – Doesburg
Architectenbureau: H.M. Koldewey
Opdrachtgever: kerkbestuur
Bouwjaar: 1965

De behoefte aan nieuwe kerkgebouwen was groot na 1945. De architectonische opgave was hierbij om het kerkgebouw in te passen in de bestaande omgeving en het als religieus gebouw herkenbaar te houden. De resultaten varieerden tussen traditionalistisch en ultramodern. De architect van de Heilige Martinus  is voornamelijk bekend om zijn kerkenbouw. Voor de Tweede Wereldoorlog hanteerde Koldewey een traditionalistische en robuuste bouwtrant. In de jaren 1950 ontstond er echter een kentering in Koldeweys architectonische denken. Zo experimenteerde hij onder meer met betonconstructies in de kerkbouw. Veel van zijn kerken uit de wederopbouwperiode zijn inmiddels gesloopt, wat deze nog bestaande kerk nog meer bijzonder maakt! De heilige Martinuskerk is een vrij laat voorbeeld uit het oeuvre van de architect. Hij werd gebouwd ter  vervanging van de oude Martinuskerk in het centrum van Doesburg uit 1813.

 

Alexander Verhuellbrug | Doesburg

Bouwjaar: 1950-52

De brug over de IJssel werd na de oorlog  gebouwd om een snelle verbinding met de rest van de Achterhoek mogelijk te maken. Oorspronkelijk voeren er veerdiensten over de IJssel bij Doesburg. In 1933 werden plannen gemaakt voor de bouw van een brug bij Doesburg, die in 1937 gereed zou moeten zijn. De bouw werd echter uitgesteld, waarna de Tweede Wereldoorlog de bouw definitief vertraagde. Wel was er sprake van een schipbrug, die in de oorlog diverse malen gebombardeerd is.  Lange tijd was de brug bekend als de IJsselbrug, maar een tijd geleden kreeg hij zijn huidige naam. De naamgever: Alexander Ver Huell, liet na zijn overlijden in 1897 een bedrag van zo’n 1 miljoen na om een vaste oeververbinding over de IJssel te bekostigen. Doesburg gebruikte het geld destijds voor andere doeleinden, waarna in 1951 de IJsselbrug alsnog werd gerealiseerd.

 

appartementencomplex | Doesburg

Kraakselaan – Doesburg
Architectenbureau: Nico de Wolf
Opdrachtgever: NV de Verenigde Blikfabrieken te Amsterdam
Bouwjaar: 1956

Dit zeer karakteristieke appartementengebouw aan de Kraakselaan in Doesburg is een zeer goed voorbeeld van de bebouwing die de steden na de Tweede Wereldoorlog begonnen te karakteriseren. Opdrachtgever was de ‘NV de Verenigde Blikfabrieken te Amsterdam’, met een afdeling in Doesburg. De fabriek in Doesburg moest uitbreiden wegens een grote defensieorder* en voor de topfunctionarissen moesten nieuwe woningen komen omdat deze ‘noodgedwongen in de arbeiderswoningen waren ondergebracht’. Het is gebouwd naar ontwerp van stadsarchitect Nico de Wolf in de zogenaamde Shake-Hands architectuur. De grote raampartijen, de verdeling van de ramen in de voorgevel, de deuromlijstingen, het gebruik van stalen kozijnen en het schuin overstekende dak maken dit geen doorsnee gebouw. Blijkbaar werd het gebouw in de eigen tijd al gewaardeerd omdat men de moeite nam hier een ansichtkaart van te laten drukken. Het is bijzonder dat op één van die kaarten dit complex wordt afgebeeld naast de Waag, het stadhuis en de brug!

Voormalig bankgebouw | Berkelland

Dorpsstraat 5 – Ruurlo
Architectenbureau: G.J. Postel
Opdrachtgever: coöp. Boerenleenbank
Bouwjaar: 1952

In 1939 kocht de Coöperatieve Boerenleenbank in Ruurlo het terrein op de hoek van de Domineesteeg en de Dorpsstraat. Het bankgebouw aan de Dorpsstraat 16, was te klein geworden. Toch zou het nog meer dan 13 jaar duren voordat de nieuwe bank in gebruik genomen kon worden. Terwijl de tweede wereldoorlog  woede werd toch in 1943 een prijsvraag uitgeschreven voor het ontwerp van de nieuwe bank. Architect G.J. Postel uit Lochem maakte het bekroonde ontwerp. Het werd een in de stijl van de Delftse school vormgegeven bankgebouw, met een zeer opvallende en fraaie in- en uitzwenkende topgevel die verwijst naar de zogenaamde ‘Gelderse gevels’ uit de 17 de  eeuw.
Pas 6 jaar na de oorlog werd de bouw aanbesteed. De bouw verliep vlot en op 1 februari 1952 werd  naast de ingang op de Domineesteeg een gedenksteen van Bentheimer zandsteen ingemetseld. Het Bentheimer zandsteen, in de gevel en rond de vensters, is nog steeds, met de klokgevel vorm, één van de het meest in het oog springende kenmerken van het pand. Ook de gevelsteen aan de kant van het centrum van Ruurlo, met de in elkaar grijpende handen als symbool voor de coörperatieve grondslag van de bank, is in deze steen gehouwen. In 2014 verloor het gebouw zijn functie als bank. Nadat het door verschillende partijen beheerd is geweest, werd het in 2018 omgedoopt tot “De Olde Banke” en functioneert nu als het centrale kantoorgebouw in het centrum van Ruurlo.

Voormalige waterzuiveringinstallatie Kronenkamp | Berkelland

Fazantweg 21/Kronenkamp 14 – Neede
Architect: J.H. Kranenborg
Bouwjaar: 1953-1956

In 1957 werd de rioolwaterzuiveringsinstallatie officieel. De verschillende gebouwen van de waterzuiveringsinstallatie zijn wat betreft de constructies en de vormgeving mooie voorbeelden van sobere utiliteitsarchitectuur uit de periode kort na de Tweede Wereldoorlog. De waterzuiveringsinstallatie heeft tot oktober 2002 gefunctioneerd en is vervolgens buiten werking gesteld. In de jaren daarna volgde een periode van verval, totdat eind 2016 een ontwikkelplan werd ingediend gericht op natuur- en sociaal-culturele activiteiten. De totstandkoming van Natuurpark Kronenkamp was vanaf die tijd een feit. De locatie is fascinerend door de vervallen, markante naoorlogse industriële bouwwerken die door de natuur zijn geclaimd.

Openluchttheatercomplex | Berkelland

Wandelpark De Maat – Eibergen
Architect: G. Schotsman
Bouwjaar: 1954

Na de oorlogsjaren was er een algemene behoefte aan vertier in de vorm van muziek en toneel, maar vaak was er geen geschikte accommodatie voor grotere gezelschappen. Het was een tijd van schaarste, en een schouwburg bleek in veel gevallen financieel niet mogelijk. Een openluchttheater bleek in dat soort situaties vaak wel tot de mogelijkheden te behoren. Het theater is fraai gelegen in het Wandelpark De Maat, tussen de Grotestraat en de Berkel, in het hart van de oude dorpskern van Eibergen. Het bijzonder gaaf bewaarde openluchttheater uit 1954 is samengesteld uit een muziektent, een amfitheater met tribunes en een kassagebouwtje. Het openluchttheater is een symbool van een bloeiend theater- en muzikaal verenigingsleven in de naoorlogse jaren.

Woonhuis | Berkelland

Lebbenbruggedijk 1 – Borculo
Architectenbureau: G.J. Veeze
Opdrachtgever: Saaltink
Bouwjaar: 1959

Dit vrijstaande woonhuis aan de rand van Borculo werd in opdracht van de heer Saaltink  in 1959 gebouwd door het gerenomeerde architectenduo G.J. Veeze en F.J. Twijnstra. Hun werk is voornamelijk in Drenthe, Overijssel en Gelderland te vinden en kreeg destijds veel aandacht in de vakbladen. Het huis werd in de stijl van het internationale functionalisme ontworpen, waarbij tevens in een tuin- en parkaanleg werd voorzien. Functionalistische architectuur kenmerkt zich door soberheid en weinig ornamenten. Daarnaast werd er breeduit geëxperimenteerd met vernieuwende woonhuisplattegronden. Zo is de woonverdieping gelegen op de eerste bouwlaag, welke wordt gedragen door ‘pilotis’ De inpandige garage bevindt zich op de begane grond. Het is een voor Berkelland uitzonderlijk en zeldzaam bouwwerk.

Woon-winkelpand Harbers | Berkelland

Meester Nelissenstraat 31 – Beltrum
Architect: onbekend
Opdrachtgever: Harbers
Bouwjaar 1948

Voor 1945 bevonden zich op deze plek een café en winkel van de familie Harbers. Het huidige pand op de hoek van de Nelissenstraat en de Voslaan in Beltrum is vlak na de oorlog opnieuw opgebouwd, nadat op 25 maart 1945 grote verwoestingen waren aangericht door geallieerde bombardementen. Het doel was waarschijnlijk de tegenoverliggende R.K. school waar munitie lag opgeslagen en ongeveer 80 mensen gevangen waren om te dienen als menselijk schild. Het pand is gebouwd in de voor die jaren kenmerkende Delftse School bouwtrant. Volgens de architecten van de Delftse School lag schoonheid juist in de eenvoud en was een goede harmonie tussen massa, ruimte en lichtval belangrijk.

Watertoren | Aalten

Ringweg 19 – Aalten
Architectenbureau: G.J. Postel HZN
Opdrachtgever: Gemeente
Bouwjaar: 1943

Voor de Tweede Wereldoorlog was het lang niet vanzelfsprekend dat iedere inwoner toegang had tot schoon, stromend drinkwater. Vele huishoudens gebruikten nog een pomp om het grondwater op te pompen voor de dagelijkse beslommeringen van het huishouden. De drinkwatertoren in Aalten is representatief voor de ontwikkeling van de drinkwatervoorziening in de gemeente. De drinkwatertoren is gebouwd in 1943 naar het ontwerp van G.J. Postel Hzn, in opdracht van de waterleidingmaatschappij Oostelijk Gelderland. De toren is uitgevoerd in de stijl van de Delftse School. Postel ontwierp in de regio meerdere watertorens waaronder die van Doetinchem en Ulft. De ruim 35 meter hoge toren is een markant herkenningspunt te midden van het omringende landschap.

Voormalige coop. middenstandsspaarbank | Aalten

Landstraat 30 – Aalten
Architectenbureau: B. Blekkink
Opdrachtgever: coop. Middenstandsspaarbank
Bouwjaar: 1955

Het grote vrijstaande pand is in 1955 gebouwd als bankgebouw voor de Coop. Middenstandsspaarbank naar een ontwerp van architectenbureau B. Blekkink te Aalten. Door zijn forse bouwmassa, met topgevel haaks op de straat gesitueerd en markante vormgeving in Delftse schoolstijl vormt het voormalige bankgebouw een zeer beeldbepalend element in dit gedeelte van de Landstraat. Hoewel de invulling van de vensters is gewijzigd heeft het pand zijn karakteristieke en monumentale uitstraling behouden.

Vrijstaande woningen | Aalten

Burgemeester Haverkampstraat 2-4 – Dinxperlo
Architectenbureau: onbekend
Opdrachtgever: Hendrik ten Brinke

Naast grote woningbouwprojecten, werd er in de Achterhoek ook door particulieren gebouwd. Een mooi voorbeeld van dit soort bouw zijn de twee woonhuizen aan de Burgemeester Haverkampstraat in Dinxperlo. Deze twee vrijstaande woningen werden in opdracht van de heer Ten Brinke gebouwd, directeur van de Bribusfabriek (meubel- en keukenmakerij). De woonhuizen vormen een goed voorbeeld van huizen die gebouwd zijn volgens de kenmerken van de naoorlogse Shake hands architectuur, waarbij traditionele materialen als baksteen, worden gecombineerd met nieuwe bouwmaterialen zoals beton. Shake-hands architectuur is doorgaans zeer expressief en van een hoge kwaliteit. De vormgeving van de twee huizen is kenmerkend voor de functionalistische architectuur uit de late jaren vijftig. De gebouwen zijn een zeldzaam voorbeeld van een dergelijke architectuur in de kern Dinxperlo en zijn bovendien gaaf behouden.

Ontmoetingskerk | Aalten

Bernard IJzerdraadstraat 1 – Dinxperlo
Architectenbureau: H. Eldering
Bouwjaar: 1951

De behoefte aan nieuwe kerkgebouwen was groot na 1945. De architectonische opgave was om het kerkgebouw in te passen in de bestaande omgeving en het als religieus gebouw herkenbaar te houden. De uit Friesland afkomstige architect H. Eldering werd gevraagd voor het ontwerp van de Ontmoetingkerk. Deze architect is vooral bekend om zijn kerkenbouw in traditionalistische bouwtrant. De huidige kerk verving een kerk die in 1930 werd gebouwd maar tijdens de beschietingen op 25 maart 1945 door de Engelsen werd verwoest. Eldering ontwierp een kerk met een sterk symmetrisch karakter. Maar wat bijzonder is bij dit ontwerp en het onderscheidt van andere kerken in de bouwtrant van de Delftse school, is het structurele gebruik van beton.

Koppelkerk | Aalten

Koppelstraat 35 – Bredevoort
Architectenbureau: W. Geels
Opdrachtgever: Kerkbestuur
Bouwjaar: 1947

Een groot gedeelte van de beschadigde kerken is al tijdens of kort na de oorlog hersteld of herbouwd. Onder invloed van nieuwe materialen en nieuwe bouwprincipes ontstonden nieuwe kerkvormen. In 1947 werd met de bouw van de Koppelkerk begonnen en in 1948 werd de kerk in gebruik genomen. De toren werd clandestien aangebouwd in 1956. De architect W. Geels ontwierp een kerk in de traditionalistische bouwtrant. Kenmerkend voor deze bouwstijl is het vrijwel uitsluitende gebruik van baksteen. Inmiddels heeft de kerk haar functie verloren. In 2015 werd het gebouw verbouwd tot een multifunctioneel gebouw voor kunst en cultuur. Er worden wisselende exposities georganiseerd en ook zijn er regelmatig concerten.

Rietveld Lyceum | Doetinchem

Kruisbergseweg 4
Architectenbureau: Rietveld en Van Tricht
Opdrachtgever: Schoolbestuur
Bouwjaar: 1961


Net als de Technische- en de Muziekschool, bood de vormgeving van het Rietveld Lyceum, nieuwe kansen om de gebaande paden te doorbreken. Het ontwerp was een samenwerking van de architecten Rietveld en Van Tricht. Gerrit Thomas Rietveld is een van Nederlands bekendste architecten en meubelontwerpers. Na een dip in zijn werkzaamheden neemt het aantal opdrachten rond 1955 toe. Om deze reden wordt een maatschap opgericht met de architecten Van Dillen en Van Tricht. Rietveld fungeerde daarin vooral als ontwerper, terwijl de twee heren de organisatie van de groeiende praktijk verzorgen en bij de uitvoering van de opdrachten hun bouwkundige kennis inbrengen. Het resultaat mocht er zijn. de vormgeving doet denken aan de eerdere scholenbouw van Rietveld in Arnhem en Amsterdam, hoewel de kenmerkende vliesgevels van Rietveld bij het Rietveld Lyceum aan massa hebben ingeboet.

St Wilibrordsabdij | Doetinchem

Abdijlaan 1
Opdrachtgever: Abdijmonniken
Bouwjaar: 1949


In de jaren van de wederopbouw konden de monniken moeilijk aan bouwmateriaal komen. Al het beschikbare bouwmateriaal was gevorderd voor de bouw van burgerwoningen. Pater Van den Biesen sjouwde het land af op zoek naar materiaal. Puin uit Arnhem en Doetinchem werd gebruikt om de toegangsweg te verharden. Verwrongen staven ijzer van de gebombardeerde Hembrug werden recht gebogen om als betonijzer te dienen.

Op 30 april 1949 werd de eerste steen gelegd, met als inscriptie: “In petra stabilitus non concutior (op de rots gegrondvest sta ik pal) 30 april 1949”. Wie goed kijkt, ziet overal stenen van verschillende grootte in het klooster. Ter versiering zijn grijze stenen van de gebombardeerde kerk van Arnhem gebruikt. Omdat er niet aan hout te komen was, zijn de vloerdelen gemetseld van perfora stenen, versterkt met betonijzer, en daarna op hun plaats getakeld. Een werkelijk uniek monument uit de wederopbouwperiode!

Muziekschool | Doetinchem

Bizetlaan 1 in Doetinchem
Adviesbureau: ir. H. van Wely
Bouwperiode: 1967-1968


Het bijzondere ontwerp van de architect Wely, voor de nieuwe muziekschool te Doetinchem, werd in 1963 goedgekeurd door de Gelderse schoonheidscommissie. Echter startte de bouw pas in februari 1967. Van primair belang voor het ontwerp waren de geluidsisolatie en de akoestiek van de lesruimten. Daarvoor onderhield de architect Van Wely contact met de TNO te Delft. Nog tijdens de bouw werd op dit punt veelvuldig geëxperimenteerd met de binnenwanden en het metselwerk. In mei 1968 werd de school geopend door Prins Claus. Doetinchem had toen een muziekschool die door het schoolbestuur vol trots als de modernste van Europa werd bestempeld. De school is nog steeds als muziektempel in gebruik!

Graansilo | Doetinchem

Raphaelstraat 1 Wehl
Architectenbureau: C.A. Sparreboom
Bouwperiode: 1953-1956

In Wehl wordt in 1956 een imposant silogebouw aan het bestaande gebouw toegevoegd. In 1953 krijgt de Coöperatie van de Nederlandse Spoorwegen een terrein in erfpacht. Op dit terrein verrees een uitbreiding van de malerij en silo aansluitend op de oudere gebouwen, naar plannen van C.A. Sparreboom. De silo te Wehl getuigd van de bijzondere ontwikkeling van de landbouw in de wederopbouwperiode. Vroeger werd de skyline van de Achterhoek bepaald door deze ‘’kathedralen’’ van de agrarische sector. Echter zijn er van de ruim vijftig silo gebouwen die vroeger in de Achterhoek stonden, nog een kleine twintig over. De silo bestaat uit een kelder, begane grond met insteekverdieping, daarboven een hoge verdieping met de cellen, afgesloten door een cellendek en een dakopbouw onder een zadeldak.

Technische School | Doetinchem

Spinbaan 20 – Doetinchem
Architectenbureau: F.A. Bruininksweerd
Bouwperiode: 1952-1953

Na de Tweede Wereldoorlog kregen tal van nieuwe ideeën de kans om het bestaande onderwijssysteem te doorbreken en vernieuwen. Vanaf de jaren vijftig werd druk geëxperimenteerd met verschillende typen schoolgebouwen. De Technische school aan de Spinbaan in Doetinchem werd omstreeks 1952 gebouwd, naar ontwerp van de architect F.A. Bruininksweerd. Hij ontwierp een gebouw in de zogenaamde Shake-Hands architectuur. Een soort synthese tussen de traditionele architectuur van de Delftse school en de meer moderne functionele stromingen. Net als bij veel openbare gebouwen uit de wederopbouwperiode werd er ruimte in het budget gemaakt voor de toepassing van monumentale kunst. Hiervoor werd de kunstenaar Hans Gorter gevraagd om twaalf sgraffito’s voor de aula en gymzaal te maken.